Biodiversiteit Circulaire economie

Groot bos-onderhoud: het moet eerst slechter worden wil je het beter krijgen

Recent een groot artikel in Tubantia over groot onderhoud van de Sallandse Heuvelrug. Korte samenvatting: het gaat er nu behoorlijk rigoureus aan toe, maar dan pluk je er later je voordelen van!

Klopt dat?

We hebben er een artikel van precies dertig jaar geleden bij gepakt uit het Overijssels Dagblad van destijds, waarin Baron Van Ittersum ook uitleg geeft over groot onderhoud in die tijd in zijn bossen rondom de landgoederen Rozendael en het Nijenhuis. Korte samenvatting: het gaat er nu behoorlijk rigoureus aan toe, maar dan pluk je er later je voordelen van!

Omdat het dertig jaar geleden is, kunnen we het controleren. En ja: de bossen zien er fantastisch uit.

Van Ittersum legde destijds uit wat er gaande was. Hij maakte eerst het verschil tussen een oerbos en een cultuurbos. Aan een oerbos doe je niks, dat laat je z’n gang gaan en dan zie je wel. Een gecultiveerd bos moet je onderhouden. Nederland is te klein voor oerbossen, die hebben we hier al lang niet meer. Dus heb je het per definitie over cultuurbossen. Bossen, die de longen van de regio zijn (ze zetten CO2 om in zuurstof), maar meteen ook bossen waar we onze recreatie vandaan halen, waar we op zondag graag de bank voor uit komen.

In 1988 legde Van Ittersum uit dat er ook nog een ander argument voor onderhoud is: hout is geld waard. Een mooi grote boom, daar haal je veel planken uit. Inkomsten dus.

Bij het onderhoud destijds nam de baron alle ingrediënten mee. Dat een grote boom geld oplevert, dat hij over dertig jaar graag nog steeds grote bomen heeft, maar ook dat de bomen zo recht mogelijk groeien én dat het bos een prachtig stukje natuurgebied blijft. Als je dat goed doet, gaat dat allemaal samen.

Zo werden destijds de grootste bomen gekapt, werden er te veel nieuwe bomen herplant en kregen die bomen gezelschap van coniferen. Die snel groeiende coniferen zorgden ervoor dat de nieuwe eiken alleen maar de lucht in wilden omdat ze daar het licht vonden. Na verloop van tijd zijn die coniferen vervangen voor beuken, ook een snelgroeier. Zowel coniferen als beuken zijn intussen al gekapt en brachten hun waarde als hout op, maar lieten ook statig rechte eiken opgroeien. Veen eiken, te veel eiken, dus het bos wordt voortdurend uitgedund. Steeds weer worden de juisten eiken uitgezocht om gekapt te worden. En tegelijk wordt er gekeken naar plekken waar nieuwe eiken herplant moeten worden, met weer eerst een conifeer en later een beuk ernaast.

Van Ittersum sprak destijds de wens uit dat groot onderhoud niet meer nodig is als je voortdurend onderhoud pleegt. Het is volgens hem dan meer een kwestie van iedere keer een kleine beurt.

Ga zondag zelf maar even kijken in de bossen rond Nijenhuis en Rozendael of de profetie van de baron klopt. Station Heino is een mooi startpunt. Hier een voorbeeldrondje van anderhalf uur. Je kunt dan zien wat de baron bedoelde met dat je een bos aanlegt voor de kinderen van je kinderen.

Voeg reactie toe

Klik hier om een reactie achter te laten